Rechenpfennig afgebeeld op Goudse grospenningen
Aad Kleijweg
Grospenningen zijn van klei gemaakte schijfjes waaraan men door middel van een bewerking verschillende waardes toekende. Deze bewerking werd vaak uitgevoerd met materiaal dat de pijpenmaker snel voorhanden had. Grospenningen worden vrijwel uitsluitend gevonden op plaatsen waar pijpenmakers gevestigd waren. Er zijn zeer veel verschillende exemplaren bekend, variërend van zeer fraai uitgevoerde tot zeer eenvoudige exemplaren.
Het proces van pijpen maken werd uitgevoerd door mensen met verschillende functies. Zo waren er rolders, kasters en tremsters. Voor elke functie gold een andere beloning. Zo kreeg een kaster andere grospenningen voor zijn werkzaamheden dan een rolder. Ook werden er verschillende soorten pijpen gemaakt. Zo is het aannemelijk dat het kasten van een pijp met een lange steel beter werd beloond dan het kasten van een pijp met een korte steel. Ook kwaliteitsverschillen tussen de pijpen kunnen een reden zijn geweest om verschillende beloningen toe te kennen.
Een gros pijpen bestond in de pijpenmakerswereld uit 160 stuks, omdat men rekening hield met ongeveer 10% breuk. Na het bakken bleef er dan toch een gros pijpen over. Voordat de pijpen gebakken werden, kon het personeel de verkregen grospenningen eenmaal per week inleveren. Op die manier ontvingen zij hun verdiende loon van hun pijpenmakersbaas.
In de 18e eeuw zien we dat pijpenmakers grospenningen maakten die het uiterlijk hadden van echte muntjes. Hiervoor gebruikte men eenvoudige duiten, een muntsoort die in die tijd rijkelijk voorhanden was. Deze grospenningen werden op eenvoudige wijze gemaakt door een klein bolletje klei tussen twee duiten samen te persen. Vervolgens sneed men de overtollige klei weg die tussen de duiten vandaan kwam.
Een voorbeeld hiervan is een grospenning uit mijn eigen verzameling, die werd gevonden in het drooggelegde grachtje aan de Peperstraat in Gouda. Doordat de grospenning tussen twee duiten is geperst, staan de voorstellingen in spiegelschrift. Door de afbeelding horizontaal te kantelen, kunnen we de voorstelling lezen zoals deze op de duit staat afgebeeld.
De grospenning op afbeelding 1 is gemaakt met een duit met het wapen van Utrecht en een duit met de tekst ZEELANDIA 17...
Afbeelding 1
We zien dus dat grospenningen met twee verschillende duiten gemaakt kunnen zijn. Ook kwamen er wel voor, zij het in mindere mate, grospenningen die met twee verschillende munten waren gemaakt. Zo heb ik eerder een grospenning beschreven die is gemaakt met een VOC-duit uit 1730 en een 6-pfennigstuk uit Paderborn, in de Duitse deelstaat Noordrijn-Westfalen, uit 1676.
In de polder Achterwillens bij Gouda, een plek die in het verleden rijk was aan pijpvondsten, zijn grospenningen gevonden die gemaakt zijn met Duitse rekenpenningen uit Neurenberg. Daar kwam ik achter door de op afbeelding 2 weergegeven grospenning van rode klei horizontaal te kantelen en vervolgens op internet naar de afgebeelde rekenpenning te zoeken.
De tekst rond de rijksappel luidt: ANFANG BEDENCK ENDT, met tussen de woorden een bloemetje. Dit betekent zoiets als: ‘Overweeg in het begin het einde.’
Deze rekenpenning is gemaakt door de graveur Johann Weidinger uit Neurenberg en is in gebruik geweest van 1670 tot 1727. Op afbeelding 3 zien we de grospenning, horizontaal gekanteld, naast de rekenpenning.
Afbeelding 2
Afbeelding 3
Op de keerzijde van de rekenpenning op afbeelding 3 zijn centraal de zon, de sterren en de maan afgebeeld, met daaromheen de tekst IOHANN WEIDINGERS·RECH-PFEN. Deze tekst is te zien op afbeelding 4.
Afbeelding 4
De afbeelding van de zon, de maan en de sterren op de rekenpenning brengt ons bij twee andere exemplaren van grospenningen, te zien op afbeelding 5. Deze zijn eveneens gevonden in de polder Achterwillens bij Gouda.
De tekst op deze grospenningen is lastig te ontcijferen. Er bestaan rekenpenningen met verschillende teksten rond deze voorstelling, namelijk ‘IOHANN WEIDINGERS·RECH-PFEN’ en ‘ANFANG BEDENCK DAS END’.
Afbeelding 5
Onder voorbehoud kunnen we stellen dat, wanneer we de grospenning horizontaal gekanteld afbeelden, de rekenpenning op afbeelding 6 het meest overeenkomt, ook wat betreft de vorm van de maan.
Deze rekenpenning is eveneens gemaakt door de graveur Johann Weidinger uit Neurenberg en is in gebruik geweest van 1670 tot 1727. Op de keerzijde van de rekenpenning staat een rijksappel afgebeeld, met daaromheen de tekst ‘GOTTES·REICH·BLEIBT·EWIG’.
Afbeelding 6
Afbeelding 7
Een mooi voorbeeld van een rekenpenning waarop de zon, de sterren en de maan staan afgebeeld, is het exemplaar op afbeelding 8, met rondom de voorstelling de tekst ‘ANFANG BEDENCK DAS END’. Ook dit exemplaar is in Neurenberg vervaardigd.
Afbeelding 8
De grospenningen waarop duiten zijn afgedrukt, zijn veelal in de 18e eeuw gemaakt. Gezien de datering van de rekenpenningen denk ik dat we de grospenningen die in dit artikel worden besproken, in de eerste helft van de 18e eeuw kunnen dateren.
Rechenpfennige, oftewel rekenpenningen, waren penningen die werden gebruikt op een rekenbord of rekendoek, een hulpmiddel bij het rekenen. De penning ontleende zijn waarde aan het vak waarin hij werd geplaatst. Op afbeelding 9 is te zien hoe dit in zijn werk ging.
Afbeelding 9
Bronnen:
Rekenpenning Wikipedia
Counter Token Johann Weidinger; Nuremberg Numista
Grospenningen Goudse Kleipijpen