Cornelis van Leeuwen en weduwe 1771 - 1821

Cornelis van Leeuwen was een pijpenmaker te Gouda en was als zodanig werkzaam van 1771 tot aan zijn overlijden in 1794. Na zijn overlijden zette zijn weduwe, Hester Gerredina Commies, de onderneming voort. Zij bleef de merken van haar overleden echtgenoot gebruiken tot 1821.

Van Leeuwen voerde onder meer de merken 46 gekroond en D gekroond. Het merk 46 gekroond was van 1774 tot 1779 door Van Leeuwen gehuurd van Jan Pietersz. Girrebo. Vanaf 1779 was het merk zijn eigendom en bleef het tot aan zijn overlijden in 1794 aan hem verbonden. Het merk D gekroond huurde Van Leeuwen van Sophia Bleuland van 1771 tot 1773. Vanaf 1773 was dit merk zijn eigendom en bleef het tot 1794 aan hem verbonden.

Na het overlijden van Van Leeuwen in 1794 zette Hester Gerredina Commies de onderneming voort en bleef zij de merken D gekroond en 46 gekroond voeren. Dit gebruik wordt gedocumenteerd tot 1821.

Bekijk D-5481 met hielmerk 46 gekroond [TOT NUT VAN 'T / ALGEMEEN]
Mogelijk door hem of weduwe gemaakt, anders door George van Leeuwen


Cornelis van Leeuwen was a pipe maker in Gouda and was active as such from 1771 until his death in 1794. Following his death, his widow, Hester Gerredina Commies, continued the business. She continued to use the marks associated with her late husband until 1821.

Van Leeuwen used, among others, the marks 46 crowned and D crowned. The mark 46 crowned was rented by Van Leeuwen from Jan Pietersz. Girrebo from 1774 to 1779. From 1779 onward, the mark was his property and remained associated with him until his death in 1794. The mark D crowned was rented by Van Leeuwen from Sophia Bleuland from 1771 to 1773. From 1773 onward, this mark was also his property and remained associated with him until 1794.

After Van Leeuwen’s death in 1794, Hester Gerredina Commies continued the business and continued to use the marks D crowned and 46 crowned. Their use by her is documented until 1821.



Ref. 03, 16, 21